Ik was nog niet helemaal klaar met het activeren van het creatieve kinderbrein op BS de Ark in Veghel, er volgde nóg een les. Vorige week schreef ik over het maken van “rommel”tekeningen. De daaropvolgende les bestond uit het maken van gezichten met behulp van doppen, deksels, kroonkurken, schelpjes, kurken, moeren en boutjes.
We bekeken eerst een filmpje over het feit dat wij mensen geprogrammeerd zijn om overal gezichten in te herkennen. Dat begint al zodra je geboren wordt. Baby’s zien in drie zwarte vlekken een gezicht; twee ogen en een neus. Het filmpje laat zien dat we gezichten zien in bomen, rotsformaties, deurklinken, wastafels, wc potten, rugzakken, echt overal in. En als je ze eenmaal hebt gezien is het vaak onmogelijk om het beeld nog van je netvlies te halen.
De kinderen zijn aan de slag gegaan met allerhande ronde materialen. Sommigen stapelden de spullen, anderen legden ze netjes naast elkaar. Sommigen maakten het gezicht tafelgroot, anderen kozen voor een kaboutergezichtje. Allemaal goed, allemaal anders. Sommigen waren supersnel klaar, maar met de juiste “prikkel”vragen bouwden ze toch nog even door of werd het gezicht veranderd.
Wederom een hele toffe les voor groep 4, 5 en 6.

Met dank aan Marianne van Heeswijk voor het uitlenen van alle doppen en deksels 🙂

fullsizeoutput_1116fullsizeoutput_110cIMG_4010fullsizeoutput_1105

Advertenties